Céline Autsema

Ik ben Céline, 21 jaar oud en ik woon in Ede bij mijn moeder en mijn zusje Anneke (19). Ik studeer fysiotherapie in Nijmegen en zit momenteel in mijn derde jaar.

Dit bericht is geplaatst op 10-05-2015

Toen ik werd geboren was het al bekend dat ik zou opgroeien zonder vader, omdat hij een hersentumor had. Nog 5 jaar heb ik van hem mogen genieten, maar hem daarna moeten begraven. Als klein meisje was het heel normaal voor mij om een zieke en later geen vader meer te hebben, maar toen ik ouder werd besefte ik steeds meer dat ik een '' papa '' miste in m'n leven. Toch heb ik me nooit echt alleen gevoeld. In het intense verdriet dat ik had, heb ik altijd mijn toevlucht gezocht bij mijn andere hemelse Vader. Zo leerde ik Hem kennen als mijn Trooster, die als enige echt kon begrijpen wat ik voelde. Hij heeft mij gedragen en mij uiteindelijk gegeven wat er in Filippenzen 4:4 -7 beschreven staat: Zijn rust, die alle verstand te boven gaat.

Ik ben dus opgegroeid bij mijn moeder die me altijd Jezus' liefde heeft laten zien en voelen. Ook mijn opa's en oma's en andere familieleden zijn een voorbeeld geweest voor mij om door alles heen Hem te volgen. Daar ben ik hen en God enorm dankbaar voor.

Ik voel me gezegend me al mijn hele leven een kind van God te mogen noemen. Maar vooral de afgelopen jaren merk ik dat ik een steeds meer levend geloof krijg en Jezus met mij bezig is.
Sinds ik in Mozaiek0318 kom (ongeveer 3 jaar nu) doet God mij groeien door de woorden die ik hoor in de preken, maar ook door mensen om mij heen mag ik zo zijn liefde ervaren en samen met anderen Zijn wil zoeken en elkaar hierin stimuleren.

Als van origine baptist zijnde is de doop niets nieuws voor mij. Toch had ik tot een paar maanden geleden nog niet het verlangen me te laten dopen. Totdat ik die zin weer hoorde in een lied: ''Want mijn Rechter is mijn Redder''. Wat kwam dat ineens binnen en wat een fantastische zin is dat toch! Hoewel ik geloof een kind van God te zijn heb ik soms nog moeite met het gevoel 'het niet goed genoeg te doen' en te falen. Maar daar ben ik klaar mee. Ik wil echt leven in de vrijheid die Jezus mij heeft gegeven toen Hij aan het kruis ging voor mij. Steeds meer begin ik te leren wie ik "in Christus' mag zijn: ''Door Christus worden wij rechtvaardig en heilig en door Hem worden wij verlost." (1 Kor 1:30) Het hangt niet van mij af hoe heilig ik ben, maar God ziet mij als heilig omdat hij Jezus in mij ziet. Wat een groot geschenk is dat!

De doop zie ik als nieuw begin, om in die vrijheid te gaan staan. Door onder te gaan in het watergraf wil ik een streep zetten door wat ík wil en vind en opstaan in een nieuw leven in de wil van de Vader, zodat ik elke dag meer mag gaan leven uit de identiteit die ik in Jezus gekregen heb!