Lisanne Koudijs

Ik ben Lisanne Koudijs en vijfentwintig jaar oud. Ik ben bijna drie jaar getrouwd met Ron Koudijs en wij hebben samen een prachtig dochtertje: Jane. Ik werk voor drie dagen als psychomotorische therapeut en bewegingsagoog bij Sophia revalidatie in den Haag en Gouda. Daarnaast ben ik binnen mozaiek actief als teamleider van mozaiekkids.

Dit bericht is geplaatst op 05-06-2016

Ik ben opgegroeid in een gezin met vijf kinderen. Mijn ouders hebben ons gelovig opgevoed. Ik ben als kind gedoopt en heb ook belijdenis gedaan van mijn geloof, in de kerk waar ik toen lid was. In de middelbare school periode (vijftien-zestien jaar oud) heb ik last gehad van een eetstoornis. Ik vond mezelf te dik en wilde afvallen. Ik heb toen een dieet voor een paar maanden gevolgd. Toen ik weer normaal wilde gaan eten, lukte dit niet en wilde ik alleen maar minder eten en meer bewegen om af te vallen. Het had allemaal te maken met controle willen hebben op. In die periode maakte ik veel mee o.a. met jongeren die zelfmoord pleegde. Dit heb ik heel lastig gevonden en kon ik moeilijk verwerken. Voor de eetstoornis heb ik hulp gehad maar hielp eigenlijk niet. Ik wilde de controle niet los laten. Op mijn 19e kregen Ron en ik een relatie. Hij wist dat ik worstelde met de eetstoornis, maar wist hij veel waar hij mee te maken kreeg. Het is voor buitenstaanders niet te begrijpen wat voor strijd je ervaart. Daarnaast was voor mij niet te begrijpen dat iemand zoveel van mij kon houden, gewoon om wie ik ben. Samen hebben we ervoor gebeden dat ik bevrijd mocht worden van de strijd rondom eten en controle. Dit heb ik niet altijd makkelijk gevonden, want ik was ook gewend geraakt aan de controle. Daarnaast weet ik dat er ook veel mensen om mij heen voor mij hebben gebeden. En op een gegeven moment was het weg… geen negatieve gedachtes over mijzelf, geen behoefte aan het willen hebben van controle op wat ik wel of niet eet, geen afwijzing meer naar mezelf. Ik geloof dat Jezus mij heeft genezen van deze ziekte. Het is zo hardnekkig, niemand anders dan Jezus had mij kunnen genezen. Jezus, liet mij zien dat hij van mij houdt en het voelde alsof hij een bak vol liefde over me heen stort. Het was niet een bepaald moment dat het over was. Heel geleidelijk aan is het weg gegaan en tot op de dag van vandaag heb ik er geen last meer van en dank ik God dat ik deze strijd niet meer hoef te hebben. Ik leef nu al 4 jaar zonder deze strijd, yes!

Sinds dat ik Ron ken was ik bezig met de vragen rondom de doop. Ron was al gedoopt, maar ik vond dit niet zo nodig, omdat ik al belijdenis had gedaan. Ik heb dus heel lang getwijfeld en gezocht naar antwoorden. Ene kant wist ik dat ik het mag doen, omdat Jezus het heeft gedaan, andere kant voelde ik het niet en vond ik het niet nodig. Op een gegeven moment heb ik tegen God gezegd: Heer ik weet het niet meer, ik kom er niet uit. Als u wilt dat ik mij laat dopen, laat mij dit dan zien. Ik sta er voor open. tweeëntwintig januari 2016 ging ik naar een vrouwendag in Renswouden samen met mijn moeder en zus. Waarbij de spreekster het Bijbelvers Johannes 14:12 aanhaalde. Waar staat dat ik op Jezus mag vertrouwen, mag doen wat hij deed en nog meer zal doen dan dat. Toen dacht ik: waarom laat ik me dan niet dopen? Ik werd helemaal rustig. Ik wilde het Bijbelvers opzoeken, maar dacht dat het Johannes 4:1 was. Waar staat dan Jezus mensen tot zijn leerlingen maakten door hen te dopen. Ik dacht: oké…. Dit is niet het Bijbelvers wat ik zocht, maar het is wel het antwoord wat ik zocht. Ik was er al van overtuigd dat ik het mag doen, omdat God mij dit duidelijk heeft gemaakt door zijn woord. Ik heb op dat moment rust ervaren, wat ik nog nooit eerder zo had ervaren. Alsof er een last van me schouders af viel. Toch wilde ik weten welk Bijbelvers het was welke de spreekster aanhaalde. Ik ging in de lunchpauze naar haar toe en vroeg het aan haar. Ik legde haar het een beetje uit waarop ze antwoorde: dat is bijzonder, ik wilde het vanmiddag hebben over de doop! Tot drie keer toe heeft God mij duidelijk gemaakt dat ik mij mag laten dopen om te laten zien dat ik een leerling van Hem ben en dat ik dit mag bevestigen door de doop. Ik wil meer van Hem in mijn leven en meer met Hem leven.